Home » Blog

Dansdocent? Ja ja. Dan ben je zeker heel lenig?

Ik sta op een feestje en maak kennis met nieuwe mensen. Altijd leuk. 'En wat doe jij?' is een regelmatig gestelde vraag. Als ik dan vertel dat ik dansdocent ben, hoor ik vaak een aantal standaardantwoorden; (inmiddels veelvuldig aangevuld door collega dansdocenten uit de groep)

  • Oh leuk! (mannen grijnzen vaak)
  • En wat is je echte baan? waar je je geld mee verdient zeg maar?  
  • Laat eens wat zien dan? 
  • Heb je een eigen school?
  • Doe je ook de cha cha cha?
  • Kom je dan ook op tv? 
  • Dan was je vroeger niet zo goed op school zeker. 
  • Wat doe je overdag dan? Werk je bij de HEMA
  • Mijn dochter zit ook op dansles, die heeft ook zo'n leuke juf. 
  • Oh, jij hebt van je hobby je beroep gemaakt. 
  • Heb je nog meer hobby's?
  • Moet jij niet meedoen aan So You Think you can Dance?
  • Kan je ook op je tenen staan, zo op die puntjes? 
  • Balletjuf, maar dan moet je toch heeeel dun zijn?
  • Is daar een opleiding voor dan? 
  • Ik wil weleens een lesje van je, ik heb geen ritmegevoel, ben zo stijf als een plank en heb de coördinatie van een visstick. Maar voor jou wil ik mijn best weleens doen. 
  • Geef jij maar 20 uur per week les? wat een luxeleventje
  • Dan ben je zeker heel lenig, doe eens de split?  

Zo ontstaat er een gesprekje. Waar ik zo'n vijf jaar geleden achter kwam, is dat als ik mijn antwoord verander dat er dan veel leukere gesprekken uitkomen. (om eerlijk te zijn zag ik elke keer die split in een woonkamer gewoon niet meer zo zitten)

Waarom zijn we eigenlijk dansdocenten? 

Ja, natuurlijk, het is het gaafste vak van de wereld, dansen is heerlijk en toen we aan de opleiding begonnen (of niet) waren we jong en onbezonnen. Maar kijk naar jezelf, naar jezelf zoals je nu bent. Wat wil jij je leerlingen eigenlijk meegeven? Wat is jouw hartewens voor jouw leerlingen die bij jou les hebben? Tijdens de Zomer Dansimpuls stelde ik deze vraag ook aan de collega's die bij mij in de workshops waren. De meeste docenten willen leerlingen zelfvertrouwen, lef en zelfstandigheid meegeven. Met stip op nummer 1, mooi. Daarna komen fantasie, creativiteit, ontdekken en een gevoel van vrijheid. Het eigen lijf leren waarderen en de mogelijkheden daarvan ontdekken. Gevoel in muziek en dans leren uiten. Omgaan met en waarderen van verschillen. Leren samenwerken (kind-kind en ouder-kind) Algemene kennisontwikkeling combineren met dans en dansplezier. 

Dans is, dans was, dans wordt

Toen ik op de academie begon, waren dit ook mijn redenen om dansdocent te worden. Dit is mij met de paplepel ingegoten. jullie ook zo te lezen, want dit is wat eruit komt als ik ernaar vraag. Maar volgens mij zitten er nog veel meer beweegredenen in ons om te doen wat we doen. Een van mijn coaches stelde mij ook eens deze vraag: 'Waarom geef jij Taaldans en Rekendans?' Ik was redelijk uit het veld geslagen. 'Dat is toch logisch, het is leuk en het werkt. Dans is al een beweeglijk, emotioneel en sociaal vak, als je daar nog cognitieve aspecten aan vastplakt, vinden kinderen dat helemaal geweldig. En het blijft beter hangen.'

Het bleef stil aan de overkant van de tafel. 'Maar waarom geef jij Taaldans en Rekendans?' Geloof me, het was niet de makkelijkste sessie die ik met haar had. Maar wat gingen we diep, terug naar de kern, terug naar mijzelf als kind op school. Op school waar ik altijd het gevoel had op cognitief vlak niet mee te kunnen komen. Dat ik er niet bij hoorde. Dat ik wel erg creatief was, maar dat dat maar een uurtje in de week aan bod kwam. En dat ik de jonge kinderen die ik nu zo zie struggelen met het uiten van zichzelf omdat ze geen woorden kunnen geven aan hun gevoelens. Of soms niet eens een Nederlandse woordenschat hebben en gewoon helemaal niet begrijpen van wat de juf of de kinderen om hen heen zeggen. Ik wil jonge kinderen helpen om vanuit hun beweeglijkheid sneller en makkelijker taal te ontwikkelen zodat ze het gevoel krijgen dat ze erbij horen en hun gevoel kunnen uiten. 

Tissuetijd

Wauw, wat was dat mooi. Ik was tot tranen geroerd toen ik dat in mezelf ontdekte. Toen ik het boek 'The power of the heart' las, realiseerde ik me dat de kracht van het hart duizenden malen groter is dan de kracht van de hersenen. Het hart reageert eerst, seconden later pas het brein.  In je hart weet je al wie je bent en waarom je doet wat je doet, maar soms laten we dit (nog) niet in ons hoofd toe. The Heart Math Institute in California onderzoekt allerlei hartezaken, zoals intuïtie, vervulling, het weten, activatie van het hart enz. Er zijn inmiddels wetenschappelijke onderzoeken die aantonen dat het hart een apart brein heeft dat nog sneller en beter weet wat goed voor je is en wie je echt bent.

Mocht je het interessant vinden om schrijvend een aantal vragen te beantwoorden die daarover gaan, dan citeer ik ze uit het boek: 

Wat maakt me echt gelukkig?

Wat doe ik graag?

Wat geeft me plezier? 

Wat zijn mijn passies? 

Wat inspireert me en geeft me een gevoel van vervulling?

Wat doe ik als ik mijn tijd besteed aan dingen die me niet gelukkig maken? 

Hoe word ik de dingen de baas die me ervan weerhouden om contact te maken met mijn hart? 

Hoe krijg ik dat gevoel van inspiratie en levensvervulling? 

Je kunt deze vragen steeds op een nieuwe pagina in een notitieboek schrijven. Onder elke vraag laat je steeds een pagina leeg. Als je de komende acht dagen steeds 20 minuutjes de tijd neemt om jouw antwoorden op een vraag op te schrijven, dan komen er waarschijnlijk verrassende dingen uit. Belangrijk is dat je je hoofd probeert uit te zetten en je hart aan. 

Communicatie over dans

En als je dan je eigen antwoorden terug leest, is er een kans dat je al op een dieper niveau naar jouw beweegredenen kunt kijken voor jouw dansdocentschap. En als we deze beweegredenen gaan communiceren, dan trekken we met deze harteboodschappen ook meer leerlingen aan. 'The law of attraction.' Maar daar gaan we het een andere keer over hebben. Voor nu hoef ik niet meer in de split op feestjes en ontstaan er hele mooie gesprekken over dans, leren en jonge kinderen. Ik ben benieuwd naar wat jij voortaan gaat antwoorden op DE vraag.  

Dit blog is ingezonden en verscheen eerder al op Dansinspiratie.